Column
Het is moeilijk te begrijpen dat niet eten het leven van mijn zusje overnam. Anorexia had ons geen gedag gezegd, ze stond plots tegenover mijn zusje die inmiddels extreem vermagerd was. Ze was te zwak om te vechten tegen deze eetstoornis. De anorexia overwon haar en nam haar gedachten over. Mijn zusje is sindsdien mijn zusje niet meer. In het begin maakte het me verdrietig, maar nu hoort de anorexia bij haar.
Ik zie het onbegrip in de ogen van mensen tegen wie ik het, vaak per ongeluk, laat vallen. Ik zeg het vaak zonder blikken of blozen, want stellig ben ik wat dat betreft wel. Haar ziekte is al ruim drie jaar aanwezig. Nooit heeft het haar losgelaten. Eigenlijk zijn we met zijn zessen thuis, want de anorexia hoort daar ook bij. Ze is de moeilijkste en de meest aanwezige van ons allen. Ze schreeuwt tijdens het eten, loopt weg als het niet meer gaat, gaat obsessief sporten als ze zich dik voelt, is altijd afwezig, ook al zit ze met grote regelmaat alleen thuis. Ze staart voor zich uit, eet op vaste tijdstippen, beweegt zoveel als mogelijk was en dat was haar leven. Dat is haar leven, want mijn zusje is nog steeds anorexia, of anorexia is mijn zusje, soms weet ik het niet. Ik ben het spoor bijster.
Want niet alleen mijn zusje is in de ban van haar eetstoornis, ook voor ons als gezin is het, zacht gezegd ´niet makkelijk´. Elke dag worden we geconfronteerd met frustraties, afvallen, een chagrijnig meisje aan tafel, een meisje die ons niets vertelt over wat er in haar hoofd omgaat. Het is gedaan met de gezelligheid en gelach aan tafel. Elke dag voel ik die spanning tijdens het avondeten.
Als ik naar mijn zusje kijk, zie ik een depressief meisje, doodongelukkig, mager en vooral heel hopeloos. Ze weet het niet meer. Maar ik weet het ook niet. Ik hoop dat de anorexia in de nabije toekomst niet meer bij haar hoort. Ik wil mijn zusje terug.
